Achtergrond
Arm vs. rijk
Rijk strooisel

De eeuwenlange degradatie, de invloed van depositie en de bevoordeling van soorten met verzurend strooisel, heeft ook gezorgd voor een pH daling van de bodem en vrijkomen van toxische aluminiumionen. Grotere bodemfauna, zoals regenwormen, die verantwoordelijk is voor bodemvermenging verdween hierdoor. Dit leidde tot het stilvallen van verticale nutriëntencycli in de bodem.

 

Heeft de bodem nog voldoende verweerbare mineralen in voorraad, maar brengen bomen en planten deze niet in beschikbare vorm naar de bovengrond, dan is het zaak de nutriëntenpomp te herstellen. Dit kan bereikt worden door het systeem van de huidige arme staat naar een rijkere te krijgen. De keuze van boomsoorten speelt hierbij een belangrijke rol.

Arme bossen

In arme bossen zorgt de trage afbraak door schimmels en kleine bodemdiertjes - voornamelijk springstaarten en mijten- ervoor dat strooisel zich bovengronds opstapelt. Hierbij komen humuszuren vrij die zorgen voor de uitspoeling van de kationen uit de bovengrond, wat leidt tot de vorming van een podzolbodem. Op deze arme en verzuurde bodems gedijen slechts enkele soorten waardoor de bossen meestal zeer soortenarm zijn.

Rijke bossen

In rijke goed gebufferde bossen daarentegen, nemen de bomen basische kationen op uit diepere bodemlagen die via strooiselafbraak weer beschikbaar komen in de bovengrond. De door bacteriën gedomineerde strooiselafbraak verloopt snel, humus wordt doorgemengd door grotere bodemdieren en nutriënten en basische kationen worden vastgelegd in stabiele humus. De bodem is hierdoor goed gebufferd tegen verzuring, de mineralenbeschikbaarheid neemt toe en de pH van de bodem zal stijgen. Deze buffering van de huidige zure bosbodems is essentieel voor een verhoogde draag- en veerkracht van het bosecosysteem en een verhoging van de biodiversiteit.

Wat maakt een bos arm of rijk?

Meestal wordt met arm of rijk verwezen naar de bodem, maar dit alleen is niet doorslaggevend. Voor de ontwikkeling van een ecosysteem in de richting van een rijk of arm systeem blijken boomsoorten bepalend te zijn. Zij oefenen namelijk een beduidende invloed uit op het rondcirculeren van nutriënten in het bosecosysteem via de kwaliteit en kwantiteit van het strooisel. Boomsoorten hebben hiermee een belangrijke uitwerking op de soortenrijkdom en het voorkomen van bodemorganismen.

Wat is rijk strooisel?

Soorten als eik, beuk en veel naaldboomsoorten die nu in de bossen voorkomen produceren nutriëntarm, zuur en moeilijk afbreekbaar strooisel. De introductie van boomsoorten met goed afbreekbaar strooisel – ofwel rijk strooiselsoorten – kan arme, verzuurde bossen met een lage biodiversiteit op termijn omvormen naar meer rijke gebufferde bossen met een hogere biodiversiteit. De concentratie van calcium en andere basische kationen in het blad en strooisel speelt een belangrijke rol. Soorten met hogere calciumgehaltes in het strooisel, dragen bij aan een hoger aandeel van plantopneembare basische kationen in de humuslaag en minerale bodem. Daarnaast zorgen ze voor een hogere bodem pH, een grote diversiteit aan regenwormen en ander bodemleven, en een snellere afbraak van strooisel.

De nutriëntenpomp

De rijk strooiselsoorten vormen hiermee de basis van de nutriëntenpomp in het bosecosysteem. Soorten als winterlinde en esdoorn, hebben een aantoonbaar positief effect op de buffering van de bodem, doordat deze verrijkt wordt met kationen die via de afbraak van strooisel weer in de bodem terecht komen. Veel van deze soorten beschikken over een diep rijkend wortelstelsel. Ze zijn daarom in staat om nutriënten op te nemen uit diepere bodemlagen die minder of niet zijn aangetast door verzuring en uitspoeling. Andere soorten die naast linde en esdoorn een verrijkend effect hebben zijn bijvoorbeeld zoete kers, haagbeuk, gewone es, iep, wilg, lijsterbes, hazelaar en populier. De hogere pH waarden geeft bodemfauna de kans zich verder te ontwikkelen. Zij zorgen voor een goede afbraak en vermenging van het strooisel met de minerale bovengrond. Nutriënten in het rijke strooisel komen hiermee beschikbaar voor plantopname. De nutriëntencyclus wordt zo weer sluitend gemaakt.

Gerelateerd aan deze oplossing:

Publicaties

Zoek in onze uitgebreide database

Zoeken in publicaties